SLO doel: Digitale Systemen

  • De leerling zet digitale systemen functioneel in.
  • De leerling beschrijft de onderdelen en de werking van digitale systemen in termen van invoer, verwerking en uitvoer.
  • De leerling herkent veelgebruikte digitale systemen.
  • De leerling gebruikt de basale mogelijkheden van software voor communicatie, samenwerken, tekenen, rekenen, tekstverwerken, presenteren en beeld-, geluid- en videobewerken.

Inhoud

In deze les maken leerlingen kennis met de basis van alle digitale technologie: invoer – verwerking – uitvoer (IPO). De les begint met een klassengesprek aan de hand van herkenbare voorbeelden zoals een smartphone, verkeerslicht of wasmachine. De leerlingen ontdekken wat invoer is, wat er tijdens de verwerking gebeurt en wat de uitvoer is. Ook wordt een verband gelegd met zintuigen (sensoren), actuatoren en energie. Daarna werken de leerlingen met de micro:bit. De docent laat eerst een voorbeeld zien, daarna maken ze er één samen met de klas. Vervolgens werken de leerlingen in tweetallen zelfstandig aan verplichte opdrachten, zoals een zonlichtsensor, thermometer of geluidsmeter, en kunnen ze optionele extra’s maken. Tot slot presenteren de tweetallen kort hun systeem en leggen ze hun IPO-schema uit.